|

Het
Nieuwzeelandplein wil ook de onbekende gebieden van Nieuw-Zeeland
onder de aandacht brengen. Want Nieuw-Zeeland is meer dan alleen
het Noordereiland, het Zuidereiland en het eiland Stewart. Maar
weinig reizigers zullen iets afweten van de Chatham Eilanden, een
eilandengroep die ruim achthonderd kilometer oostelijk van Christchurch
ligt. Waarschijnlijk heeft slechts een enkeling van de onbewoonde
Auckland Eilanden, Antipodes Eilanden, Bounty Eilanden, het eiland
Campbell en de Snares gehoord. Dat zijn ruige en ontoegankelijke
eilanden ver weg in de Zuidelijke Grote Oceaan, om en nabij de vijftigste
breedtegraad. Deze zogenaamde Subantarctische Eilanden worden slechts
aangedaan door expeditieschepen met reizigers die onderweg zijn
naar Nieuw-Zeeland's Antarctica (Ross Dependency). Een unieke, maar
prijzige ervaring.
Deze eilandengroep ligt ruim achthonderd kilometer
ten oosten van Christchurch. Het totale landoppervlak bedraagt 97.500
hectare, waarvan het hoofdeiland Chatham al 90.000 hectare voor
zijn rekening neemt. Dat er maar achthonderd mensen wonen heeft
alles te maken met de geïsoleerde ligging en het gure, onaangename
klimaat dat er heerst. Altijd wind, bewolking, nattigheid en matige
temperaturen. De Chatham Eilanden zijn dan ook beslist geen toeristenoorden,
maar wel paradijsjes voor vogelspotters en natuurliefhebbers. Er
komen unieke inheemse planten, bomen en dieren voor, die op het
Noordereiland en Zuidereiland al lang zijn uitgestorven. Zeer zeldzame
vogels zijn de Nieuw-Zeelandse plevier, de zwarte vliegenvanger
en de geelvoorhoofdkarakiri. Het landschap van het hoofdeiland Chatham
is golvend met in het noorden oude vulkaankegels, meren en de Te
Whanga-lagune. In het zuiden liggen moerassige vennen en in het
stroomgebied van de rivier de Tuku de laatste inheemse bossen. Op
de 'Chathams', zoals de Nieuw-Zeelanders de eilanden noemen, woonden
oorspronkelijk de Moriori, een Polynesisch volk dat na de komst
van de Maori in 1835 is gedecimeerd. De laatste Moriori stierf in
1933. Op het eiland zijn nog door dit oervolk bewerkte bomen en
stenen te zien. Voor de stugge en wantrouwende eilandbewoners is
de kustvisserij de belangrijkste bron van inkomsten. Vrijwel alle
eilandbewoners wonen in de nederzettingen Waitangi en Owenga.
Pitt Island, waar zo'n vijftig mensen wonen, bezit een unieke rotskustvegetatie
en is rat en opossumvrij. Natuurbeschermers willen er met uitsterven
bedreigde vogels gaan uitzetten. De onbewoonde eilanden Mangere
en Rangatira zijn vanwege hun steile kliffen moeilijk toegankelijk.
Beide eilanden zijn een natuurreservaat en herbergen grote zeevogelkolonies.
Er broeden veel soorten stormvogels.
Bereikbaarheid
Air Chatham verzorgt wekelijks drie retourvluchten vanuit Wellington
(vliegtijd: 2.35 uur) en twee retourvluchten vanuit Christchurch
(vliegtijd: 2.15 uur). Ruim van te voren reserveren. Vanaf het Tuuta
Airfield rijdt een bus naar Waitangi. Er is verder geen openbaar
vervoer op Chatham. Om naar de andere eilanden te reizen heb je
vergunningen nodig. De accommodatiemogelijkheden op Chatham zijn
beperkt.
Nieuw-Zeeland's Subantarctische Eilanden zijn op
de kaart niet meer dan stipjes in de Zuidelijke Grote Oceaan. Ze
liggen iets ten noorden van de Antarctische Convergentie, de oceanografische
grens waar het koude Antarctische water en het warmere water uit
het noorden elkaar ontmoeten. Ze liggen op het grote Campbell Plateau
met relatief ondiep water.
Het klimaat van de eilanden is koel en gematigd. Er staat bijna
altijd een stormachtige westenwind in combinatie met regen. Er valt
gemiddeld op driehonderd dagen per jaar neerslag. Het aantal zonuren
is zeer beperkt. De eilanden zijn het hele jaar door sneeuwvrij,
zodat begroeiing van bomen en struiken mogelijk is.
De Subantarctische Eilanden zijn van grote betekenis, omdat de flora
en fauna er zich miljoenen jaren lang in isolement hebben kunnen
ontwikkelen. Sommige eilanden behoren tot de ongerepste gebieden
ter wereld. Er komen enorme aantallen zeezoogdieren en zeevogels
voor. Vogelkolonies zijn gigantisch groot. Geen wonder, de oceaan
zit hier boordevol voedsel en er is maar heel weinig landmassa voorhanden
om te broeden. Wat opvalt is de geringe diversiteit aan planten
en vissen. Wel komen aan de kusten uitgestrekte velden voor van
de reusachtige stierkelp, die zich met zijn grote rubberachtige
voet vasthecht aan zelfs de ruigste kapen. De eilanden liggen op
de trekroutes van de walvissen in de zuidelijke oceanen. De beschutte
baaien en natuurlijke havens zijn heel belangrijk voor de overleving
van de zuidkaper. Deze zeldzame walvissoort komt hier onder andere
naar toe om hun jongen te zogen. Er leven nog hooguit vijfhonderd
zuidkapers. Alle Subantarctische Eilanden zijn een nationaal reservaat.
De
Antipodes Eilanden (2100 hectare groot) zijn geërodeerde
restanten van oeroude vulkanen. Langs de kust komen spectaculaire
landvormen voor. Sommige rotspartijen, zoals de Windward Islands,
rijzen recht uit zee omhoog. Er zijn dan ook maar weinig anker-
of landingsplaatsen. Mede door de ontoegankelijkheid van de eilanden
zijn de ecosystemen zo ongerept gebleven. Er broeden zeer grote
kolonies albatrossen, stormvogels en pinguïns. Op de plekken
waar stormvogels broeden is de vegetatie geheel verdwenen.
De Auckland Eilanden (62.560 hectare groot)
waren in het verleden een enorm obstakel voor zeevaarders. Er zijn
vele schepen vergaan. De Aucklands zijn gevormd door twee basaltvulkanen
die op Disappointment Island en in de Carnley Harbour liggen. De
Auckland Islands zijn bedekt met tussockgras. Er groeien witte,
bleekroze en bleekgeelgekleurde reuzenkruiden die de eilanden enige
kleur geven. Op de Auckland Eilanden bevinden zich de zuidelijkste
bossen ter wereld; dwergbossen van de zuidelijke rata. Permanente
bewoning is vele malen uitgeprobeerd maar onmogelijk gebleken. Landbouwgewassen,
schapen en koeien waren niet tegen het harde klimaat opgewassen.
Het enige dat nog aan menselijke bewoning herinnert is een kleine
begraafplaats. De teleurgestelde pioniers gingen weg, maar lieten
varkens, katten en muizen achter. Gelukkig zijn de eilanden rat-vrij.
Want deze vraatzuchtige beesten zouden een slachting onder de zeevogels
hebben aangericht. Op de eilanden broeden zeventien soorten albatrossen,
vier soorten stormvogels en de zeldzame Auckland-taling.
De Bounty Eilanden liggen ten zuiden van
de Chatham Eilanden. Het zijn kleine, granieten, eilanden waar vegetatie
ontbreekt en vele vogelsoorten een onderkomen vinden. De eilanden
zijn vernoemd naar het schip van de beroemde kapitein William Bligh
(inderdaad die van de muiterij op de Bounty). Van alle subantarctische
eilanden zijn de 'Bountys' voor vogelspotters het minst interessant.
Het ruige eiland Campbell is van vulkanische
oorsprong en zo'n 11.330 hectare groot. Dit in 1810 ontdekte eiland
was eveneens een waar scheepskerkhof. De Nieuw-Zeelandse overheid
zette er regelmatig schapen, geiten en varkens uit, zodat schipbreukelingen
konden overleven. Walvisvaarders bezochten Campbell omdat het op
de route lag van de jaarlijkse walvistrek naar het noorden. In 1895
werd een schapenfarm begonnen. Toen deze in 1931 sloot bleven 4000
schapen en 30 koeien op het eiland achter. Zij waren binnen zes
jaar allemaal dood. Ook dit eiland heeft een unieke flora en fauna.
De vegetatie bestaat uit stekelig tussockgras en kruiden. Er leven
op dit vogelrijke eiland vijf pinguïnsoorten; koningspinguïns,
geeloogpinguïns, macaronipinguïns, gentoopinguïns
en geelkuifpinguïns. Er broeden verder vele soorten albatrossen,
mollymawks, stormvogels en aalscholvers.
 |
 |
De twee granieten eilanden van de Snares
(328 hectare) liggen 209 kilometer ten zuidwesten van Bluff. Ze
hebben met korstmossen bedekte rotspieken en kliffen van wel 350
meter hoog. Bomen en planten kunnen er niet groeien omdat de eilanden
vrijwel volledig bedekt zijn met nestelende stormvogels en kuifpinguïns.
Zij ondermijnen met hun graafwerkzaamheden de vegetatie.
Bereikbaarheid
Een aantal van bovengenoemde eilanden wordt aangedaan door expedities
naar Ross Dependency, het deel van Antarctica dat door Nieuw-Zeeland
wordt beheerd. (Lees: Bereikbaarheid Ross Dependency.)
Omdat alle expedities naar Ross Dependency het unieke
eiland Macquarie aandoen wordt dit Australische eiland hier ook
beschreven. Dit smalle eiland ligt op de 54e breedtegraad, 1500
km ten zuiden van Tasmanië en 1300 km ten noorden van het Antarctische
continent. Het is 34 km lang en 15 km op zijn breedst. Het Tasmanian
Parks and Wildlife Centre beheert dit eiland, dat sinds 1948 een
permanent bemand Australisch onderzoeksstation heeft.
Het eiland Macquarie bezit de hoogste concentratie wildlife van
het zuidelijk halfrond. Er broeden miljoenen pinguïns, waaronder
de koningspinguïn, de geelkuifpinguïn en de gentoopinguïn.
Vooral de kolonie koningspinguïns in de Lucitania Bay is spectaculair.
Daar staan een miljoen broedende pinguïns dicht op elkaar.
Pinguïns zijn sociale dieren en keren ieder jaar terug naar
dezelfde kolonie om te broeden. Vaak bouwen ze hun nest op exact
dezelfde plaats. Overigens broeden koningspinguïns rechtop
met het enige ei boven op hun voeten, overdekt door een huidplooi
van de buik. In de Sandy Bay broedt een kolonie keizerpinguïns.
Alle drie miljoen exemplaren van deze soort leven op het eiland
Macquarie. Op de stranden doezelen grote groepen pelsrobben, Hooker-zeehonden
en zeeolifanten. De bullen van de zeeolifant kunnen een gewicht
van bijna vier ton bereiken en zo'n zes meter lang worden. Het eiland
biedt verder tal van soorten jagers, stormvogels en albatrossen.
Het eiland Macquarie is is met hard tussockgras begroeid.
Het wigvormige deel van Antarctica dat sinds 1923
door Nieuw-Zeeland wordt beheerd heet de Ross Dependency. Het omvat
Ross Island, de Ross Sea, de Ross Iceshelf, de Transantarctic Mountains
en een deel van het continent dat naar de feitelijke zuidpool loopt.
Antarctica is een rotsachtig continent dat voor 98 procent bedekt
is met ijs en wordt omgeven door oceaan. Antarctica is zestig maal
groter dan Nieuw-Zeeland en twee maal groter dan Australië.
Het stuk zuidpool dat door Nieuw-Zeeland wordt beheerd ligt ongeveer
3000 kilometer ten zuiden van het Zuidereiland.
Antarctica is het koudste, droogste en winderigste
continent op aarde. In Scott Base (de wetenschappelijke basis van
Nieuw-Zeeland in de Ross Dependency) is de gemiddelde minimumtemperatuur
-20 graden Celsius en de maximumtemperatuur rondom nul graden Celsius.
De minimum en maximumrecords zijn echter -57 Graden Celsius en +7
graden Celsius. Tijdens zware stormen kunnen windsnelheden van 320
kilometer per uur worden gehaald. Op Scott Base gaat de zon eind
april onder om pas weer aan het eind van augustus op te komen. Het
is dan twee van de vier maanden volledig donker. In de zomer is
het er 24 uur licht.
Het Nieuw-Zeelandse deel van Antarctica is vernoemd
naar de Britse marineofficier James Ross die in 1841 een vaarweg
vond door het pakijs in de Ross Sea en de Ross Ice Shelf ontdekte.
Hij ging aan land op Possession Island en zette een groot deel van
de kustlijn in kaart en observeerde de actieve vulkaan Mount Erebus.
Walvisvaarders en zeehondenjagers bezochten de tientallen jaren
daarna regelmatig dit deel van Antarctica. Vanuit Ross begonnen
de legendarische poolreizigers Scott, Wilson en Shackleton aan hun
pogingen om de feitelijke zuidpool te bereiken. Het relaas van Scott
is te achterhalen in Scott's Hut. In deze expeditiehut uit
1911 is alles gebleven zoals het was, waardoor je als het ware negentig
jaar terug reist in de tijd. Sir Edmund Hillary (de eerste mens
die de Mount Everest in het Himalayagebergte beklom) bereikte als
eerste gemotoriseerd de zuidpool. Hij leidde in 1958 een expeditie
op tractoren.
In de Ross Dependency ligt een van de droogste gebieden
op aarde. In de laatste twee miljoen jaar is in de Dry Valley
geen neerslag gevallen. De meren worden gedurende de korte zomerperiode
gevoed door smeltwater. De luchtvochtigheid bedraagt er slechts
tien procent.
Een derde deel van de kustlijn bestaat uit drijvende
ijskappen. De Ross Ice Shelf is de grootste en heeft een
omvang van twee maal Nieuw-Zeeland. De dikte varieert van 900 tot
200 meter. De Ross Ice Shelf wordt gevoed door een aantal gletsjers.
Aan de uiterste randen ontstaan ijsbergen door afkalving van het
ijs. In de winter bevriest de oceaan rondom Antarctica waardoor
de oppervlakte van dit koude continent verdubbelt. In september
is de aanwas van ijs het grootst.
De Transantarctic Mountains vormen een 3000
km lange bergketen die dwars over het continent loopt. Sommige gesteenten
zijn 500 tot 600 miljoen jaren oud. Bodemvondsten wezen uit dat
het ooit deel uit maakte van het kollosale Gondwanaland, waartoe
ook Afrika, Zuid-Amerika, India, Australië en Nieuw-Zeeland
behoorden. Langs het gebergte liggen een aantal vulkanen, waarvan
Mount Erebus (3794 m) het spectaculairst is. Het is een van de weinige
vulkanen met een lavameer in de krater. Op Mount Erebus staan een
groot aantal schoorstenen van ijs, die wel tien meter hoog zijn
en door bevroren fumarollen zijn gevormd. Naast Mount Erebus telt
Ross Island nog drie gedoofde vulkanen.
De Rosszee is de toegangsweg naar het hart van Antarctica, want
de zuidelijkste ankerplaats van de wereldzee ligt op Ross Island.
Het was daarom een geschikt vertrekpunt voor de talrijke expedities
die in het begin van de twintigste eeuw werden ondernomen naar de
feitelijke Zuidpool.
Heritage
Expeditions uit Nieuw-Zeeland verzorgt een 29-daagse expeditie
op het onderzoeksschip Akademik Shokalskiy naar de Subantarctische
eilanden en de Ross Dependency. Deze South to Antarctica Voyage
start in de haven van Hobart (Tasmanië) en gaat eerst naar
Macquarie Island. Na elf dagen wordt de Ross Dependency bereikt
en krijg je de kans om aan land te gaan en Zodiac-tochten te maken.
Je maakt kennis met vele soorten pinguïns en orca's. Uiteraad
zijn alle uitstapjes weerafhankelijk. Bij het bezoek aan Ross Island
wordt ook de actieve vulkaan Mount Erebus aangedaan. Na het verlaten
van Antarctica wordt op de terugweg naar Nieuw-Zeeland het eiland
Campbell, de Auckland Eilanden en de Snares aangedaan. Op de 29e
dag eindigt de expeditie in de haven van Bluff, bij Invercargill
op het Zuidereiland.
Hun 24-daagse Robert Falcon Scott Memorial Expedition begint en
eindigt in Bluff en doet Campbell Island, Ross Dependency, Scott
Island en de Auckland Eilanden aan.
Voor alleen een bezoek aan de Subantarctische eilanden is de 12-daagse
Galopogo's of Antarctica een optie.
Raadpleeg hun website voor meer details en prijzen.
www.heritage-expeditions.com
Adventure Associates verzorgt een 23-daagse
expeditie op de ijsbreker Kapitein Khlebnikov naar de subantarctische
eilanden en de Ross Dependency. Het schip vertrekt uit de haven
van Lyttelton (bij Christchurch) en eindigt de reis in Hobart op
het Australische eiland Tasmanië.
Raadpleeg hun website voor meer details en prijzen.
www.adventureassociates.com
Qantas verzorgt rondvluchten over Antarctica
in een hypermoderne Boeing 747-400. Iedere maand vinden er twee
vluchten plaats vanuit Sydney, Melbourne of Adelaide. Op deze vluchten
geven experts informatie. Een camera in de neus van het vliegtuig
zorgt voor een spectaculair uitzicht. Om van de best mogelijke weersomstandigheden
gebruik te maken zijn er zeventien verschillende vliegroutes gepland,
waardoor de passagiers altijd een helder uitzicht hebben. Qantas
maakt het mogelijk een reis totally downunder te maken zonder kou,
zonder noodrantsoenen en zonder kleerscheuren weer terug te komen.
Raadpleeg hun website voor meer details en prijzen.
www.antarcticaflights.com.au
|